CTO met een kunstvisie
“Afspraak aan de portiersloge van Siemens Atea. Voor de lunch gaan we eerst nog een wandelingske doen”, stond in de SMS die ik vanochtend van Dirk te lezen kreeg. Het wordt een bijzonder verslag van een bijzondere ontmoeting.
Dirk Steel is member of the CTO office bij Siemens Enterprise Communication. Hij is een technologische visionair die al veel initiatieven heeft opgericht, maar er nog 10 keer meer in zijn hoofd heeft zitten. Dat hij zich daarbij niet tot de telecom markt beperkt is mooi meegenomen.
De wandeling gaat richting het oude Siemens Atea fabrieksgebouw. Op de site bevinden zich nog de kantoorruimtes van een aantal KMO's. Maar de fabriekshallen, die staan leeg. “In 1980 werkten hier 2.400 mensen. Nu is quasi alle activiteit verdwenen. Het is goed om daar even bij stil te staan en je af te vragen hoe dat komt.”, zegt Dirk.
Aan de overkant liggen de kantoorgebouwen. We bezoeken werkvloer na werkvloer. Allemaal even desolaat. Voor mij brengt dit bezoek heel wat herinneringen terug. Ik startte hier immers 14 jaar geleden mijn carrière met Dirk als baas en mentor. Maar op elke plaats waar ik nog niet zo lang geleden aan een bureau had gezeten, gaapt nu dezelfde leegte.
“Ik breng je naar deze plaats omdat ik vind dat we hier een les uit moeten leren. Ergens is het fout gegaan.” zegt Dirk. Bij het aanschouwen van de lege ruimte kan ik het niet helpen om dadelijk te denken wat de mogelijkheden van deze oude site zijn. Je zou er een geweldige kartingbaan kunnen maken. Of een indoor vlieghal voor afstandsbestuurde microvliegtuigen. Of een organisch bedrijvencentrum, zonder muren tussen de start-ups, waar elk zijn eigen meubeltjes meebrengt en je het internet uit de lucht plukt via de gsm.
ECONOMIE
Aan tafel hebben we het verder over het hoe en waarom. Hoe komt het dat werkgelegenheid verdwijnt?
Eerst was er hier voornamelijk productie. Maar dat heeft plaats moeten maken voor software R&D, wat natuurlijk voor minder werkgelegenheid zorgt. Om een voorbeeld te geven: toen telefooncentrales nog mechanisch waren, was de operator als klant gebonden aan zijn leverancier. Toen in België de telefoonnummers van 6 naar 7 cijfers uitgebreid werden, betekende dat automatisch werkgelegenheid voor zeer veel mensen, omdat die centrales allemaal fysiek aangepast moesten worden.
Software betekent dan: minder mensen?
Toen de productie vervangen werd door software R&D heeft dat inclusief de bijhorende service afdelingen uiteindelijk toch ook aan 1.500 mensen werkgelegenheid verschaft. Heel wat producten die je vandaag in het telecom landschap ziet zijn hier uitgedacht, geprogrammeerd en naar de markt gebracht. Maar langzamerhand is de activiteit afgekalfd.
Was dat wegens een gebrek aan commercieel succes?
Nee, de meeste producten waren wel een commercieel succes. Het probleem was dat we niet de juiste exportkansen kregen van de moederfirma uit het buitenland. Zo is bijvoorbeeld het huidige platform wat Belgacom voor zijn digitale televisie gebruikt hier in België ontworpen. We zijn koploper op het gebied van digitale televisie en in het buitenland benijd men ons om wat we hier kunnen. Maar toch kon de moederfirma het product niet naar andere landen exporteren omdat dat voor hun geen prioriteit is.
Hoe kan je dan wel R&D in België in duurzaam succes omzetten?
Het enige wat je kan doen als je R&D in België wil behouden is zorgen voor exportsucces en daar dan op verder borduren. Zo is er het OTN product, wat toelaat om op een makkelijke manier redundante optische netwerken te bouwen. Dat is een product ontstaan binnen Siemens in België en daarna wereldwijd verkocht. Dankzij dat exportsucces is dit nu een apart bedrijf met meer dan 100 werknemers en een investering van de GIMV. Dat zijn de paar kantoorruimtes achteraan die we daarstraks gezien hebben waar nog activiteit is.
Wat verwacht je van de overheid om R&D mogelijk te maken?
Zelf investeren in technologie kan denk ik enkel met hulp van de overheid. Er is in België een doolhof van subsidies en fondsen. Het is zo complex dat enkel een beperkt kringetje ingewijden, die al lang met subsidiëring bezig zijn, hier van kunnen profiteren. Het is nog maar de vraag of op die manieren de juiste initiatieven gesponsord worden. We moeten er voor zorgen dat we ons geld in zinnige dingen steken.
Hoe kies je dan in welke initiatieven geld gestoken moet worden?
We moeten ons eigen geld in eigen land verankeren. Een Vlaming moet dingen maken voor Vlamingen. Alleen hier kan je de vinger aan de pols houden en weten wat de mensen willen, dat kan je niet aanvoelen vanuit China of India. Ik vind dat de overheid als VC moet optreden voor bedrijven die hier lokaal kennis willen verankeren.
Dus lokale bedrijven die niet outsourcen naar lageloonlanden en hier innoveren?
Maar halen we het met innovatie? Ik denk dat we nog veel meer out of the box moeten denken. Wij zitten vastgeroest in onze denkpatronen. Ik raad iedereen aan om het boek Flatland uit 1884 eens te lezen. Dat gaat over iemand die zich in een 2 dimensionale wereld bevindt in plaats van in de 3 dimensies waar wij in leven. Het boek beschrijft zo bijvoorbeeld een zonsondergang, wat in de 2 D wereld een lijn is die een punt wordt. Als je zo een boek leest dan kom je in de mogelijkheid om anders over de dingen te gaan nadenken.
INTERNET
Waar ligt volgens jou de toekomst van het internet?
Ik geloof nog steeds in “the internet of things”. Ooit zal “smart dust” een werkelijkheid worden, waarbij we micromachines ter grootte van een zandkorrel hebben die bijvoorbeeld laten weten dat het te droog is en dat er water gegeven moet worden. Het knappe van het smart dust concept is dat er tussen al die partikels een automatisch draadloos netwerk ontstaat waardoor ze met elkaar kunnen communiceren en informatie doorgeven.
Geloof je dat binnenkort Google, Facebook en anderen meer over ons weten dan wijzelf?
Het lijkt er vandaag op dat het netwerk intelligent wordt en dat een Google alle beslissingen voor ons in de cloud gaat nemen. Maar ik geloof niet in de altijd zichzelf verbeterende zoekmachines. Ik ben eerder aanhanger van David Isenberg die zegt dat de intelligentie terug aan de buitenkant van het netwerk zal zitten, in de toestellen die we bij ons dragen. We zien dat nu al met bijvoorbeeld de iPhone. Op termijn zullen gebruikers terug controle willen over hun data. Het zal de GSM van de gebruiker zijn die beslist wat wel te tonen en wat niet. Die GSM zal slimmer worden dan Facebook.
WERK (& kunst)
Wat is werken voor jou?
In mijn werk krijg ik eerder een kick van het intellectuele plezier van een oplossing te vinden dan van een job uit te oefenen. Ik laat me ook graag door kunstenaars inspireren. Zij beleven een heel andere manier van waardecreatie dan de economie van de pure centen. Ik ben er van overtuigd dat zij ook de zuurstof kunnen geven die we nodig hebben om ook onze economie te herbronnen. In plaats van het over werk te hebben, kunnen we beter naar een aantal werken kijken.
Om de relevantie van kunst aan te tonen volstaat het om naar het werk van Guillaume Bijl in het Middelheimmuseum te kijken. Hij maakt daar een realistische replica van een onbestaande opgravingssite en brengt zo de niet-realiteit in de realiteit. Virtual currencies in internet doen toch net hetzelfde?
Zo is er een andere kunstenaar die gratis liposucties aanbiedt en met het weggezogen vet snoeprepen maakt die hij naar de 3e wereld exporteert om daar de mensen aan voedsel te helpen. Het zijn vreemde concepten, maar ze geven inspiratie voor nieuwe business modellen.
Nog een mooi voorbeeld is het werk van Koen Vanmechelen. Hij is eigenlijk op zoek naar de universele mens, waarbij er geen onderscheid meer is tussen nationaliteit of ras. Maar omdat een kweekexperiment met mensen nogal moeilijk ligt, probeert hij zijn model uit op kippen. Door krusingen van kippen van over de ganse wereld probeert hij nu de universele kip te maken.
Wie zich door dergelijke kunst wil laten inspireren moet zeker eens een bezoek brengen aan de Verbeke Foundation in Kemzeke. Je kan er bijvoorbeeld in de endeldarm van Joep Van Lieshout blijven overnachten.
ETEN
Heb je ergens een mooie herinnering aan eten?
Dat is nu iets heel stom, maar wat me altijd zal bijblijven is een gastronomisch ontbijt in een hotel in Valencia. Er was daar onder andere een grote toren van toastjes in de vorm van een piramide. En elk toastje was op zich in perfecte piramidevorm besmeerd. Het geheel vormde door de verschillende toastjes een prachtige tekening. Het frappante was, dat geen van de hotelgasten leek op te merken dat al die toastjes samen een mooie tekening vormden. Zonde toch, hoe weinig opmerkzaam mensen zijn.
Wat is jouw restauranttip?
Als restauranttip voor een echt unieke restaurantervaring geef ik “In de stad Kortrijk” in Oostende mee. De chef-eigenaar doet er alles zelf, op zijn eigenzinnige manier. Vraag geen garnaalkroketten, want hij zal je antwoorden dat het zonde is om zijn garnalen in een kroket te draaien. Maar je kan nergens een meer eerlijke, simpele keuken vinden dan hier. Perfect voor mij, want ik zal eerder gaan voor de mosselen zoals we die nu eten, dan voor een gastronomisch menu.
Dirk en ik hebben mosselen gegeten in de Wilde Vespers, een bekende ontmoetingsplaats voor mensen die in het industriepark van Herentals werken. Ze hebben daar overigens ook een superleuk tuinterras.
Zijn advies naar mij toe kan ik niet allemaal meegeven, maar een mooie tip is dit: Schrijf de 5 initiatieven (in België opgestart en tot succes gebracht) op waar je het meest jaloers op bent en je zal weten wat je wil gaan doen.



Commentaren
Leuk gesprek - interessante
Leuk gesprek - interessante stof.
ps: Vraag volgende keer aan de ober dat hij zijn plateau achter zich legt ipv op jullie tafel :)
En je kan er ook nog eens
En je kan er ook nog eens gaan minigolfen.
Dat minigolfen in de comment
Dat minigolfen in de comment van Stijn hierboven is volgens mij niet in De Wilde Vespers, maar wel in de Wolfstee. Soit.
En wie "Flatland" (het boek uit 1884 waarnaar Dirk in het gesprek verwijst) een eye-opener vindt, heeft misschien ook wel leesoren naar "Bolland" uit 1957, een soort vervolg op Flatland, geschreven door de Nederlander Dionijs Burger 1957.